LESSEN OVER FANTASIE STIMULEREN.

In deze lessen reeks gaan de kinderen zelf een concept gaan ontwikkelen weten we nog niet het eindproduct/resultaat. Daarom ga ik mij richten op het proces en de kinderen daarbij ondersteunen. Procesgericht beeldende vormgeving is namelijk iets wat voor veel basisscholen nieuw is. De beeldende vormgeving lessen zijn gericht op een eindwerk en meestal zijn al deze eindwerken van de kinderen in grote lijnen hetzelfde. Een groot deel van hun vrijheid gaat verloren. Daarnaast is er minder aandacht voor autonoom denken, voelen en handelen. Kinderen hebben deze kwaliteiten weldegelijk! Hoe kunnen we deze kwaliteiten naar voren halen en zo goed mogelijk benutten?






Inleiding:

Titel: Een uitvinding bouwen
Tijd: 8 weken lessen, 75 min per les

Belangrijke aspecten in deze lessen reeks:

-         Concept ontwikkelen

-         3D ontwerpen en bouwen

-         Kennis maken met de materialen papier en karton.

-         Verschillende technieken leren.

-         Leren hoe je fantasie omzet in beeld.

-         Vrij en autonoom denken en handelen.

-         Samenwerken

 

Waarom zijn de lessen genummerd?
In elke les zit een aspect die belangrijk is om creativiteit op te roepen. Na verschillende reeksen van lessen zal het kind verschillende aspecten kunnen combineren om zo creatief mogelijk aan de slag te kunnen.  

Tijdens deze 8 weken leren de kinderen zelf een uitvinding bouwen. Tijdens deze reeks is het concept ontwikkelen het belangrijkste. Wat betekend een concept ontwikkelen?

Concept is het algemeen gehanteerde, niet gespecificeerde begrip, waarmee de creatieve beeld-vorming wordt aangeduid, met betrekking tot een te ontwikkelen product, goed, of dienst en dat gekenmerkt wordt door de afstemming op de daaraan te stellen functionele en prestatie-eisen, in de tijd gezien.

Omdat een concept ontwikkelen een moeilijk begrip is voor jonge kinderen hebben we het omgezet naar het uitvinding maken/verzinnen. Een uitvinding is IETS WAT NOG NIET BESTAAT. De kinderen mogen super vrij denken en spelen met hun gedachtes om een uitvinding te verzinnen. Dit idee van een uitvinding verzinnen ligt heel dicht bij een concept ontwikkelen. Naast dat ze met hun handen en materiaal bezig zijn, dagen ze ook hun gedachte uit om creatief na te denken en iets te verzinnen wat nog niet bestaat. Daarnaast gaan ze aan de slag met papier en karton, ze leren het materiaal elke week beter kennen. Ze gaan samen in een groepje van 4 of 5 kinderen een uitvinding bouwen. Samenwerking is dus een belangrijk aspect is deze reeks lessen. Goed naar elkaar luisteren maar vooral elkaar inspireren met ideeën. Jij als docent begeleid ze in dit proces.

Tijdens deze lessen reeks ga ik jou als docent helpen om de kinderen zo creatief mogelijk uit te dagen. De opdracht dat de kinderen gaan krijgen is een uitvinding bouwen maar wat ze dan precies gaan maken is nog geheel onduidelijk voor jou. Dat is best wel spannend maar heb vertrouwen dat al de kinderen aan het einde van deze 8 weken een uitvinding hebben gemaakt. Het is niet belangrijk of de uitvinding mooi is gemaakt of als het een auto is dat de auto ook echt kan rijden. Het is belangrijk dat ze de vertaal stap kunnen maken van wat voor beeld ze in hun hoofd hebben, ook in het 3D kunnen bouwen.

3D bouwen is ook een groot onderdeel van deze reeks lessen. Op de basischool worden er vaak gewerkt met 2D technieken. Wat betekend 3D bouwen? Dat betekend dat je niet plat gaat werken maar ruimtelijk. Al deze stappen ga je in 8 weken samen met de kinderen ontdekken.  



Les 1 Wat is een uitvinding?

60 minuten

Techniek: werken met houtskool

Wat is houtskool?
Houtskool (Latijn: carbo), ofwel verkoling van hout, ontleent zijn betekenis aan de ontleding (pyrolyse) van hout. Het gaat om een bewerking waarbij hout wordt verhit op een zodanige wijze dat slechts een beperkte hoeveelheid zuurstof kan toetreden. Het grootste deel van het hout verbrandt dan niet en de vluchtige bestanddelen verdampen.

 

Er wordt vaker met houtskool gewerkt op basisscholen, wij werken vandaag met houtskool omdat het een materiaal is waar je makkelijk foutjes mee maakt. Dat is ook een doel voor vandaag. Laat je kinderen zien dat je fouten mag maken en dat het niet erg. Waarom? Omdat veel kinderen onzeker zijn over hun maak en teken skills. We willen laten zien dat er veel manieren zijn van tekenen en zo kunnen kinderen makkelijker beginnen met creëren.

Stap 1 t/m 5 10 minuten:

Stap 1: Deel de grote schilder bladen uit en allemaal 1 stukje houtskool.
Stap 2: Uitleg houtskool

-         Vraag aan de kinderen of ze weten waar ze vandaag mee gaan tekenen? Zo niet, leg uit dat het houtskool is, we geven vandaag niet veel aandacht aan wat het precies is maar wat je er mee kan doen.

-         Leg aan de kinderen uit dat het een kwetsbaar materiaal is. Daarom heb ik ook het materiaal uitgekozen. De kinderen worden bewust van de manier van tekenen. Met dit materiaal moet je namelijk niet te hard drukken anders gaat het stuk.

-         We gaan vandaag ook alleen werken met het papier en houtskool, geen gum of potloden!

-         Je maakt namelijk snel foutjes met houtskool en dat is ook de bedoeling. Zodat kinderen niet bang worden voor foutjes en durven te maken.

Stap 4: Laat de kinderen 6 vakjes tekenen met het houtskool, niet belangrijk of de lijnen recht zijn. Het is namelijk schetspapier.

Stap 5: oefenen met houtskool, je kan op verschillende manieren met houtskool werken. Jij doet het voor en de kinderen doen jou na. 4 kleine oefeningen

-         Krassen met houtskool, laat de kinderen een huisje krassen met houtskool, een snelle techniek en belangrijk dat ze merken dat de kinderen mogen uitschieten of niet tussen de lijntjes hoeven te krassen

-         Schetsen, laat de kinderen een huisje schetsen, bij deze techniek maak je hele klein krasjes achter elkaar. Weer een techniek waar je niet netjes hoeft te zijn. Je laat de kinderen zien dat je op verschillende manieren kan tekenen en dat dat mag.

-         Tekenen met de ogen dicht, dit hoef je niet voor te doen. Laat alle kinderen hun ogen dicht doen en laat ze een huisje tekenen. Laat opnieuw merken dat wie er een perfect huisje tekent, waarschijnlijk stiekem heeft gekeken. Ze mogen fouten maken.

Ik herhaal de foutjes zo vaak omdat kinderen dan makkelijker iets kunnen creëren.  

Wij gebruiken dit materiaal en deze technieken zodat kinderen dadelijk meteen aan de slag gaan. De kinderen krijgen het gevoel dat ze kunnen tekenen op verschillende manieren en geen fouten kunnen maken en aan de slag kunnen. Er zijn namelijk super veel manieren om te tekenen en iets wat er in je hoofd zit te kunnen laten zien aan andere in een tekening. Ze worden meer zeker over hun teken kunsten en dat is de bedoeling. Van een gedachte naar beeld.

 

5 minuten
Stap 4: We hebben nu geoefend met het materiaal en nu gaan we zelf aan de slag.

-         Vraag aan de kinderen of ze weten wat een uitvinding is, dit mag een gesprek worden met de hele klas. Luister naar het filmpje om een voorbeeld gesprek te beluisteren als inspiratie voor het gesprek over uitvindingen met jou klas

-         Tip: een uitvindingen is IETS WAT NOG NIET BESTAAT!

30 minuten
Stap 5: Laat de kinderen 4 verschillende uitvindingen tekenen. Tijdens het tekenen mogen de kinderen kletsen over hun uitvindingen. Kinderen hebben veel fantasie. Laat merken aan de kinderen dat het niet gek genoeg kan! Alles is mogelijk. Tijdens het tekenen zullen er ook kinderen zijn die het wat moeilijker vinden. Laat deze kinderen afkijken bij andere kinderen. Sommige kinderen vinden het niet leuk maar vertel dat de kinderen elkaar kunnen inspireren. Als iemand jou na doet dan heb je de andere geïnspireerd. Kinderen kunnen elkaar goed helpen in dit proces.

Ook jij als docent speelt in deze fase een grote rol. Loop rond en praat over hun uitvindingen. Maar ben wel streng met de opdracht. Ze moeten een uitvinding maken die nog niet bestaat, iets wat je nog nooit hebt gezien. Luister ook naar een gesprek hieronder als inspiratie voor in jou klas.

 

10 minuten
Stap 5: Presenteren. Kies een paar kinderen uit om hun uitvinding te presenteren. Laat het kind opstaan en haar teken papier omhoog houden. Laat het kind vertellen waar de uitvinding over gaat en misschien hebben andere kinderen ook vragen over de uitvinding, geef daar ook de ruimte voor.

5 minuten
Stap 6: Neem de uitvindingen serieus en laat duidelijk merken dat het erg knap is dat ze helemaal zelf een uitvinding hebben gemaakt. Bewaar de tekeningen voor 1 week we gaan hier namelijk volgende week mee verder. Het is een proces waar je samen met de kinderen volgende week verder aan gaat werken.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Les 2: Van 2D naar 3D

60 minuten

Techniek: werken met klei

 

Stap 1: deel alle kinderen een stuk klei uit zo groot als een vuist.

10 minuten
Stap 2: Werken met je handen en met de klei, gaan we beginnen met een paar kleine oefeningen.

-         Pak een klein stukje klei en leg die midden in je hand, leg je andere hand daar op en rol een klein perfect balletje.

-         We gaan dan van het bolletje gaan we een slang rollen, leg de kei op de tafel en rol een dunne slang. Je handen gaan van voor naar achter tot het steeds dunner wordt.

-         Pak het overige deel van de klei en kneed een grote bal. Tot hij helemaal rond is, als dat is gelukt vraag de kinderen of ze nu ook hiervan een grote dobbelsteen kunnen maken. Bekijk het filmpje hoe je dat kan doen.

-         Maak uit eindelijk van de grote dobbelsteen een pannenkoek. Het hoeft niet helemaal rond te zijn want we maken deze pannenkoek met onze vingers. Bekijk het filmpje hieronder hoe.

Waarom doen we deze kleine oefeningen? Je denk vooral voor de bovenbouw is dit best wel makkelijk. Ja dat klopt maar als je deze oefeningen niet met de kinderen doet kunnen ze vast lopen omdat je met deze basisvormen bijna alles kan maken. Ze kunnen daardoor snel aan de slag gaan. Je hoeft namelijk helemaal geen geluid te maken als je werkt met klei. Ze leren hoe ze hun handen kunnen gebruiken om de klei te bewerken.

30 minuten
Stap 3: van de 2D tekeningen van vorige week, gaan we de tekeningen van de uitvindingen nu 3D kleien.

-         Bespreek als aller eerste wat 2D en 3D betekent. 2D betekend namelijk plat en 3D betekend dat het een voorkant, achterkant, onderkant, bovenkant en zijkanten heeft. Neem ook voorbeelden: Ben ik 2D? is dit papiertje 2D? is jou stoel 3D?

-         Nu is het belangrijk dat ze hun 2D tekening zelf in het 3D gaan kleien. Daarom gebruiken wij ook dit materiaal. Het is makkelijk om met klei 3D te uitvindingen te maken.

-         Tijdens het maken is het belangrijk dat je rond loopt om te kijken of het echt 3D wordt gewerkt. Bekijk de verschillen op de foto. Maar bespreek ook waarom ze deze uitvinding hebben gekozen. Wat kan de uitvinding allemaal? Waarom heb je dit verzonnen? Waarom is jou uitvinding speciaal?

10 minuten:
Stap 4: deel alle kinderen een rond papiertje uit en laat hun naam eruit schrijven. Ze mogen hun uitvinding een naam geven. Geef de uitvinding een naam die iets te maken heeft met wat je uitvinding kan.

10 minuten :
Stap 5: leg het papiertje met hun uitvinding midden op hun tafel en laat de klas rond lopen en naar elkaar uitvinding kijken. Zo zet je hun kunstwerken op een podium, neem de uitvindingen serieus. Loop ook mee een rondje en bekijk ook de uitvindingen, je zal zien dat alle kinderen het leuk vinden om elkaars werk te zien. Ze gaan vragen aan elkaar stellen wat ze zien en willen graag uitleg over de uitvinding. Ze delen hun creativiteit en dat is belangrijk voor de kinderen die de opdracht moeilijk vinden. Hoe denken andere kinderen en hoe zetten ze dat om in beeld? Ze worden geïnspireerd door elkaar.  

 

 

 

Les 3. Wat is papier?

In deze les gaan we met papier werken. Er zijn veel verschillende manieren om met papier te werken maar meestal gebeurt dat 2D. Vandaag gaan we groot en 3D werken.

Stap 1: Deel grote vellen papier uit, scharen, plakband, tape en pritt stiften.

Stap 2: Inleiding opdracht

-         Vraag aan de klas: wat kan je allemaal van papier maken?

-         Vraag aan de klas: wat kan je allemaal met papier doen?

-         Als een kind zijn of haar vinger op steekt, geef het een papiertje en laat de rest mee kijk wat je er mee kan. De kinderen zullen waarschijnlijk een vliegtuigje vouwen of een propje makenof scheuren, vouwen, oprollen. ( op deze manier laat je meteen gemakkelijk zien wat je allemaal met papier kan doen. Daardoor gaan de kinderen op een brede manier naar papier kijken)

-         Leg uit dat we vandaag met papier hun uitvinding gaan bouwen. Dat ga je vandaag niet alleen doen maar met je tafelgroepje. Je gaat samen 1 uitvinding uitkiezen die je de vorige les hebt gemaakt. Willen ze een nieuwe uitvinding maken? Dat mag, maar belangrijk dat ze daar niet te veel aandacht aan besteden. Het draait vandaag om het materiaal papier en dat ze daar mee uitvindingen gaan creëren.  

-         Hoe ga de uitvinding maken: Je gaat de uitvinding in het 3D maken van papier

-         Vraag stellen aan de klas: is papier 3D? (nee want papier is plat)

-         Hoe kan je papier 3D maken? ( door te vouwen of rollen) Laat de kinderen dat eerst zelf uitvinden door middel vragen te stellen. Hoe kan je papier laten staan? Wat kan je allemaal van papier doen? Wat kan je allemaal van papier maken?

-         Vorige week hebben we klein gewerkt in 3D vandaag gaan we groot werken. Je bent namelijk met een groepje en alle kinderen moeten iets kunnen maken. zodat je met zijn alle de uitvinding kan gaan bouwen van papier.

Samenwerken:

Bij de meeste basisscholen wordt hier veel aandacht aan besteed, bij deze lessen reeks is het extra belangrijk. Waarom? Omdat kinderen elkaar kunnen helpen om hun creativiteit op te wekken, elkaar te inspireren en elkaar te helpen met maken. Bij sommige kinderen zal dit makkelijker af gaan dan bij andere.

-         Het groepje moet van te voren een plannetje maken, wie gaat wat doen?

-         Vraag aan de klas wat er belangrijk is als je samenwerkt, zodat ze dat tijdens het maken nog een keer fris in het geheugen zit.

LETS DO THIS: we gaan beginnen met maken. Bekijk de voorbeelden hieronder.

Rondlopen: Vandaag is de vraag: waarom ben je deze uitvinding aan het maken belangrijk!

De WAAROM vraag gaat over een concept ontwikkelen. Als het antwoord is, omdat ik dat leuk vind. Mag je de kinderen vragen om er goed over na te denken waarom ze het dan leuk vinden. Ga samen met het groepje opzoek naar de onderliggende gedachte van de uitvinding. Voor voorbeelden kijk hieronder. Dit gaat makkelijk samen tijdens het maken. Laat de kinderen ondertussen kletsen over hun ideeën.

 

Presenteren:

-         Kies 2 groepjes uit om naar voren te komen in de klas en hun papieren uitvinding te presenteren.

-         Stel de vragen: waarom heb je dit gemaakt. Omdat ze dan het proces herhalen en daar ook bewust van worden. Laat de kinderen ook vragen stellen, of complimenten geven.

 

 

 

 

Les 4  Een bouwtekening maken

 

Dit is een pittige opdracht. Wat is een bouwtekening? Een tekening van de uitvinding die je later gaat bouwen. De tekening heeft 4 zijaanzichten.

1 tekening van de uitvinding aan de voorkant.

1 tekening van de uitvinding aan de achterkant

1 tekening van het zijaanzicht

1 tekening van het bovenaanzicht

 

Waarom gaan de kinderen deze tekening maken? Omdat ze een uitvinding met meerder kinderen gaan bouwen en zodat iedereen weet wat ze precies gaan bouwen. Daarnaast leren ze de stap van een tekening naar 3D bouwwerk te maken. De bouwtekening hoeft niet perse te kloppen maar wel belangrijk dat ze het proberen. Een oefening van 2D naar 3D werken.

 

Stap 1: deel potloden en 1 groot vel papier per groepje uit.

Stap 2: leg uit wat een bouwtekening is

Neem een voorbeeld, belangrijk dat het een simpel voorbeeld is. Kijk om je heen in de klas en neem bijvoorbeeld de stoel waar je op zit of de tafel naast je. Het kan ook je pennenbakje zijn. Laat de voorkant ziet, zijkant, achterkant, onderkant zien alle kant kanten van het object ziet er anders uit en al die kanten gaan jullie tekenen.

Zie hier onder een voorbeeld van kinderen die een bouwtekening hebben gemaakt. Belangrijk dat je geen voorbeeld van een echte bouwtekening aan de kinderen laat ziet, kinderen gaan dit al snel nadoen. Laat ze zelf nadenken en uitproberen. Lukt het 1 groepje wel en het andere groepje niet. Laat ze elkaar helpen. Nogmaals, kinderen kunnen elkaar heel erg goed helpen in dit proces.

 

Stap 3: Maak met het groepje een plan, wie gaat welke kant tekenen? Laat de kinderen ondertussen met elkaar praten over de bouwtekening en de uitvinding.

 

Stap 4: De juf loopt rond om te helpen, je hoeft het niet voor te doen. Gaat het helemaal mis bij sommige groepjes. Het is niet erg. Als ze de kinderen zelf maar aan de slag zijn en niet een voorbeeld van jou aan het namaken zijn.

 

HET GESPREK: Het gesprek dat je aangaat met de kinderen elke les is erg belangrijk. De kinderen vertellen over hun fantasieën en ik denk dat zo creativiteit kan groeien. Ze voelen elke les meer dat ze vrij zijn in dingen maken en verzinnen.  

 

 

Les 5 Prototype maken

 

Wat is een prototype? Dat is de uitvinding voor dat je het in het groot gaat maken, ga je het in het klein maken.

 

We gaan vandaag met de kinderen de uitvinding in het klein maken van karton en papier. Zo klein als je hand.

 

Stap 1: Herhaal met de kinderen wat 3D maken betekend. Neem een paar voorbeelden uit de les: Wat is papier? De kinderen hebben daar 3D en groot gewerkt met papier.

 

Stap 2: Leg de opdracht uit: Vandaag ga je met je groepje de uitvinding in het klein van karton maken. Je gebruikt de bouwtekening van vorige week en